De voordelen van onzekerheid

onzekerheif zelfvertrouwen

Onzekerheid en zelftwijfel zijn menseigen – er zitten zelfs voordelen aan. Toch zouden de meesten van ons best wat meer zelfvertrouwen willen hebben. Journalist Otje over de balans tussen onzekerheid en zelfvertrouwen.

Briljant, maar onzeker over zijn talent, dat was Vincent van Gogh, een van de grootste kunstenaars die Nederland ooit heeft gekend. Hoe kan iemand die zo getalenteerd is, die zulke prachtige vergezichten, zelfportretten en zonnebloemen kan schilderen, aan zichzelf twijfelen?

Toch was het zo, lees ik in zijn biografie De kunst van het woord – Zijn mooiste brieven. Als kunstcriticus Albert Aurier in 1890 een lovend artikel schrijft in een toonaangevend kunsttijdschrift, waarin hij Van Gogh prijst om de kolkende lijnen, exploderende kleuren, bezeten vormen en bijzondere symboliek, voelt deze zich ongemakkelijk bij al die vleierij. In een brief aan de criticus schrijft hij dat Aurier prachtig heeft beschreven wat hij bereikt had wíllen hebben, maar dat op dit moment maar één iemand zo veel lof verdient, en wel de Franse kunstschilder Paul Gauguin. Ook andere blijken van waardering wuift Van Gogh weg. De rest van zijn leven blijft hij aan zichzelf en aan zijn talent twijfelen.

Onzekerheid hoort erbij

“Onzekerheid, zelftwijfel, het is een beetje mens eigen,” vertelt psycholoog Robert Haringsma. “Het leven is per definitie een onzekere toestand. Je weet niet wat de dag van morgen gaat brengen. Je kunt zomaar opeens ziek worden of de liefde van je leven tegen het lijf lopen. Bovendien kun je nooit voorspellen hoe andere mensen op je reageren, wat ze van je vinden, en hoe ze je werk beoordelen. Ik vergelijk het leven weleens met een spelletje poker. Een deel is afhankelijk van je eigen inspanningen en een deel is afhankelijk van de kaarten die je krijgt. Je hebt wel invloed, maar nooit volledige controle. In die zin denk ik dat onzekerheid absoluut hoort bij de condition humaine. Er zullen altijd onzekerheden zijn, en er zullen altijd momenten komen waarop het vertrouwen in jezelf en de wereld begint te wankelen.”

20160119_YelenaBryksenkova_2

Ik heb er zelf ook last van. Moet ik een hoogleraar of bekendheid interviewen? Geen enkel probleem. Maar zet me in een groep met vreemden neer en ik word piepklein. Zelfs bij zoiets simpels als mezelf voorstellen in de kring, krijg ik een verlammend gevoel in mijn benen. Tijdens het schrijven is mijn onzekerheid ook een trouwe metgezel. Telkens is er weer die stem in mijn hoofd: dit moet beter kunnen. Is dit wel interessant genoeg? Denk je dat mensen dit willen lezen? Ik weet dat ik niet de enige ben; eigenlijk ken ik niemand die er geen last van heeft. Zelfs de mensen tegen wie ik opkijk, geweldenaars in hun vak, kunnen er niet aan ontsnappen.

Zoals dus Van Gogh, maar ook de alom geprezen actrice Jody Foster. Toen Foster een Oscar won voor haar rol in de film The Accused had ze het gevoel dat er een vergissing was gemaakt. “Ik dacht dat iedereen erachter zou komen dat het een fout was. Dat ze naar mijn huis zouden komen, op de deur zouden kloppen: ‘Sorry, maar we moeten de Oscar aan iemand anders geven, en wel aan Meryl Streep.’” Ironisch genoeg zei Meryl Streep in een interview al net zo onzeker te zijn: “Er zijn dagen waarop ik vreselijk aan mezelf twijfel. Ik denk dan: waarom zou iemand me nog een keer willen zien in een film? Ik weet helemaal niet hoe ik moet acteren, dus waarom doe ik dit eigenlijk?”

‘Gewoon’ jezelf zijn

Onzekerheid is een vrij breed begrip. Je kunt over van alles onzeker zijn. Over je vaardigheden: hoe goed je iets kunt. Maar ook over je waardigheid: of je er mag zijn als mens, of je goed genoeg bent. Dit samen bepaalt volgens Haringsma je zelfvertrouwen. Dan zijn er nog de onzekerheden over de toekomst, over de keuzes die je maakt, en de reacties van andere mensen. Veel mensen zien onzekerheid als een typisch vrouwending.

Cabaretier Carolien Borgers gaf hier een treffend voorbeeld van in een interview met nrc.next. Borgers: “Een vriendin van me is zangeres en toen ze bij De wereld draait door een liedje van een minuut mocht zingen, was ze een week doodsbenauwd dat Matthijs haar iets over het huidige politieke klimaat zou vragen. Ten eerste gaat hij dat natuurlijk niet doen, en ten tweede: nou én? Dan geeft ze als antwoord dat ze het niet weet. Dat haar liedjes over andere dingen gaan. Maar dat vindt ze geen optie en dus leest ze de hele week alle kranten en ligt ze wakker.” Pijnlijk grappig, maar zo herkenbaar.

Dat zouden mannen toch minder snel doen. Mannen doen gewoon hun mond open, lijken minder gespannen over de indruk die ze maken op vreemden. Ik zie dat bij al mijn vrienden terug. Met vriendinnen kan ik eindeloos meieren over onzekerheden. Terwijl onze mannen dan zeggen: “Je moet gewoon jezelf zijn, en dan is het aan de ander om te bepalen of ze jou leuk vinden.” Helemaal waar denk ik dan, maar het is soms zo moeilijk om jezelf te zijn als alle ogen op je gericht zijn en je je hart voelt kloppen in je keel. Ook valt het me op dat mannen meer geld durven vragen, en gewoon beslissingen durven nemen – ook al zijn het de verkeerde.

Hebben mannen dan eigenlijk ook meer zelfvertrouwen, vraag ik aan Haringsma. “Welnee,” zegt hij. “Ze gaan er anders mee om. Als vrouwen onzeker worden, zetten ze een stapje terug, zijn ze bang om iets doms te zeggen. Terwijl mannen doen alsof er niks aan de hand is. Ze verbloemen hun onzekerheid, bluffen, terwijl ze in de kern net zo onzeker zijn als vrouwen.”

Een beetje dwaling helpt

Onzekerheid wordt vaak gezien als een probleem waar we vanaf willen. Het zijn de zekerweters, de mensen mét vertrouwen, die het ver lijken te schoppen. Maar daarmee wordt zelftwijfel onterecht als minderwaardig weggezet.

Het heeft namelijk nogal wat voordelen om af en toe eens flink aan jezelf te twijfelen. Zo stelde Tomas Chamorro-Premuzic, hoogleraar in de arbeidspsychologie van University College London, dat het juist de minder zelfverzekerde mensen zijn die succes hebben. Mensen die enigszins twijfelen aan zichzelf en aan hun capciteiten, zijn kritischer over zichzelf en staan meer open voor feedback dan mensen met veel zelfvertrouwen. Bovendien zouden ze harder werken en minder arrogant overkomen. Allemaal eigenschappen die het misschien niet makkelijker maken, maar uiteindelijk wel zorgen voor meer kwaliteit.

Ook in de filosofie zijn er grote denkers geweest die vonden dat we juist moesten kiezen voor onzekerheid, vertelt filosoof en romanschrijfster Jannah Loontjens. “Friedrich Nietzsche was zo’n filosoof. Hij was erg voor de dwaling, de aarzeling. Niet in zekerheid, maar juist in onzekerheid zouden we mogelijkheden vinden om verder te komen in ons denken. Als je twijfelt, ga je de dingen van verschillende kanten bekijken. Dit helpt mij ook als ik schrijf. Twijfel doet je het perspectief van iemand anders innemen, je inleven in hoe anderen het zien.”

Nietzsche was niet de enige, ook de hedendaagse filosofen waarschuwen volgens Loontjens voor zogenaamde zekere waarheden, omdat die verblinden. “Je moet, zo vinden zij, altijd wantrouwig zijn tegenover sterke zekerheden. Je moet altijd durven bevragen, en ‘ja maar’ durven zeggen. Dat levert nieuwe inzichten op en voorkomt dogmatisch denken.”

guilty pleasure
Lees meer Gun jezelf een guilty pleasure

Durf te kiezen

Loontjens, gegrepen door het thema, schreef er de komische, hedendaagse roman Misschien wel niet over. Hoezeer ze de moed tot zelftwijfel ook toejuicht, er zit wel een grens aan. Hoofdpersoon Mascha uit haar boek heeft eigenlijk een heel goed leven. Ze heeft een leuke vriend, een goede baan, en twee zoontjes van twee verschillende mannen, maar is nergens zeker van: is dit wel de man met wie ik samen wil zijn? Is dit wel de baan voor mij? Ben ik een goede moeder? Ze raakt hierin de weg kwijt. Door al haar twijfels durft ze nergens écht voor te gaan. Dat gaat knagen aan haar identiteit, want wie ben je nog als je nergens zeker van bent?

Het is dan ook niet gek dat Mascha zich vervreemd gaat voelen van zichzelf, alsof ze naar eigen zeggen als een poppetje door een kinderhand in een willekeurige kamer in een poppenhuis is gezet, waar ze vanaf dat moment braaf verder leeft. Loontjens: “Als je zo onzeker bent over je eigen leven, gaat het tegen je werken. Je blijft dan ronddobberen zonder zelf een richting te bepalen. Hierdoor kun je je ook aan niemand hechten, want om je te hechten moet je ergens met overtuiging voor durven kiezen. Zelftwijfel op zijn tijd is goed,maar als het chronisch wordt, werkt deze twijfel oppervlakkigheid in de hand. Als ik al een advies  zou mogen geven, zou dat zijn: durf ondanks al je onzekerheden toch voor bepaalde dingen te kiezen. Dat geeft meer verdieping en betekenis aan je leven.”

Alle twijfels op tafel

Er is dus een grens: onzekerheid kan je afremmen, maar kan ook een stimulans zijn om jezelf te verbeteren. Waar die grens precies ligt, is voor iedereen anders. Haringsma: “Onzekerheid is pas een probleem als die je belemmert in het bereiken van je doelen, als je er als mens onder lijdt.” Zelf ken ik beide kanten van de medaille: de momenten waarop ik zó aan mezelf twijfel dat ik als een aarzelende muurbloem aan de zijlijn blijf staan, en de momenten waarop ik door mijn onzekerheid juist geprikkeld wordt mezelf te verbeteren. Ik kan het enorm waarderen als mensen hun twijfels laten zien.

Laatst las ik een uitspraak van Margaret Chan, directeur-generaal van de Wereldgezondheidsorganisatie: “Er zijn heel veel mensen die denken dat ik dé expert ben. Hoe kunnen die mensen dit over mij denken? Ik ben me juist ontzettend bewust van alle dingen die ik niet weet.” Die kwetsbaarheid van haar vind ik geweldig. We zijn gehersenspoeld om te geloven in de kracht van zeker-weten, van daadkracht. Maar het is misschien veel vruchtbaarder om je twijfels gewoon op tafel te gooien. Dat leidt niet alleen tot meer kwaliteit, ook het knagende randje verdwijnt als je je onzekerheid laat zien. Schaamte kan niet goed tegen de spotlights, heb ik weleens gehoord. Onzekerheid wordt veel draaglijker als je het opengooit, al is het alleen maar omdat andere mensen dan zeggen: ‘Goh, dat heb ik nou ook!’

Basisgevoel van zekerheid

Hoogleraar wijsgerige ethiek van de Universiteit van Amsterdam Frans Jacobs is het hiermee eens. “Maar ik denk wel dat het woord ‘durven’ hier belangrijk is. Om zoals Margaret Chan je twijfels te dúrven uiten, heb je naar mijn idee een basaal zelfvertrouwen nodig. Wanneer je een beetje op jezelf en je mogelijkheden vertrouwt, kun je het ook aan om de grenzen daarvan te onderzoeken.”

Bij de filosoof Descartes speelde dit ook. Jacobs: “Descartes was op zoek naar een zeker fundament van kennis, en dat deed hij door aan alles te twijfelen. Hij begon bij zijn zintuigen. Kan ik mijn zintuigen vertrouwen? Nee, want die kunnen me bedriegen, dus zintuigen schrap ik weg als basis van kennis. Zo ging hij door, totdat er uiteindelijk maar één zekerheid overbleef, en wel dat hij twijfelde, dat kon niemand hem afpakken. Het interessante is dat hij uitgebreid de situatie beschrijft waarin hij zit. Buiten is het koud, maar binnen zit hij in een luie stoel lekker warm bij de kachel. Hij zet zichzelf dus eerst in een veilige omgeving, en pas daarna durft hij zichzelf in onzekerheid te brengen.”

Wat moeten we dan met al onze onzekerheden? Haringsma: “Allereerst accepteren dat die erbij horen, en dat er ook een goede kant aan zit. Accepteer je die niet, en ga je ertegen strijden dan wordt het angstige gevoel alleen maar groter. Laat je bovendien niet afremmen door je onzekerheid. Ga die confrontatie aan, ook al is dat akelig. Maak een keuze, ook al brengt die spanning met zich mee.”

Psychiater Damiaan Denys zei hier nog iets moois over in een aflevering van het tv-programma Zomergasten: “Mensen moeten hun angst, hun onzekerheid niet zien als een negatieve emotie, maar als een kans. We leven in een veilige cocon waarin we ons goed voelen, ons huis, onze partner, ons salaris. Echt vrij zijn betekent dat je daaraan durft te ontsnappen, dat je nieuwe dingen aangaat die daarbuiten vallen.”

Zo’n moment gaat volgens Denys altijd gepaard met angst, met onzekerheid, maar dat is iets positiefs. “Het is een signaal dat je iets van jezelf verlaat en in een nieuwe wereld komt waarin je uitgedaagd wordt. Dat is niet makkelijk, het is een stukje lijden, maar je leert er wel van en het brengt je tot een nieuwe manier van kijken.”

Misschien is dat wel de reden dat Vincent van Gogh zo goed was, en dat hij zo’n intelligente kijk had op de dingen. Hij wist zeker dat hij niets zeker wist, hij durfde aan zichzelf te twijfelen, maar liet zich niet door zijn on zekerheid afremmen. Of zoals hij zelf zei: “Als je een stem in jezelf hoort die zegt: je kunt niet schilderen, ga dan juist schilderen.”

  • Meer blogs over onzekerheid lees je hier.

Tekst Otje van der Lelij Illustraties Yelena Bryksenkova

Promotional image Promotional image

Meer dan 150 pagina’s met paper goodies

Paper book for food lovers

Een boek over papier én eten: dat is het nieuwe Flow Paper Book for Food Lovers.

Bestel nu