Zo laat je los (en meer lessen uit de natuur)

lessen uit de natuur

Meebuigen, loslaten, de balans houden, niet oordelen. De tuin kan ons heel wat leren, merkt journalist Caroline Buijs. Een paar lessen uit de natuur.

Je hebt een sprankelend feest gehad in een even sprankelende jurk en de volgende ochtend moet je gewoon weer in je spijkerbroek op je fiets door de regen naar je werk. Je hebt een nest jonge katjes door je huis zien rennen en na een week of tien worden ze door de nieuwe baasjes opgehaald. Je herinnert je nog als de dag van gisteren dat je kind voor het eerst naar je lachte en voordat je het goed en wel doorhebt, help je ’m verhuizen naar zijn studentenkamer.

Blader door je fotoalbums en het wordt bijna tastbaar dat alles altijd verandert: niet alleen de personen op de foto’s, maar ook alles wat er toevallig bij is gefotografeerd. De auto’s in de straat, de tent op de camping, de stoelen in de tuin, het behang aan de muur, de kapsels en de brillen en niet te vergeten: de kleren die we droegen.

Of we willen of niet, niets in ons leven blijft ooit hetzelfde. Wat trouwens niet wil zeggen dat dat makkelijk is. Integendeel. Volgens het boeddhisme is precies onze neiging om alles vast te willen houden de oorzaak van veel onvrede en frustratie.

Hoopvol

Een denker die de beweeglijkheid van dingen al eeuwen geleden benadrukte, was Heraclitus (ca. 540-480 v.Chr.), de eerste westerse filosoof. Hij wees erop dat de wereld voortdurend aan verandering onderhevig is. Aan hem wordt de bekende uitspraak panta rhei toegeschreven: alles stroomt.

Heraclitus vergelijkt dat wat er is met de stroom van een rivier: je kunt niet twee keer in dezelfde rivier stappen. Aan die veranderingen in de wereld ligt volgens Heraclitus een strijd ten grondslag waaruit geen definitieve winnaar naar voren komt, omdat het een strijd is tussen dingen die tegengesteld zijn aan elkaar.

Zoals dag en nacht, winter en zomer, leven en dood, goed en kwaad. Deze tegenstellingen zijn niet stabiel, maar gaan steeds in elkaar over: dag wordt nacht en nacht wordt dag, enzovoort. Zonder deze tegenstellingen is er ook geen harmonie. Juist doordat alles met elkaar in strijd is, is er balans.

Zelf denk ik dat er ook wel iets hoopvols zit in tegenstellingen die in elkaar overgaan. Want inderdaad, na een nacht vol gepieker wordt het altijd weer licht en lijkt alles ineens best mee te vallen. En soms is het precies andersom: na een dag vol moeizaam geploeter ben je blij dat het weer nacht wordt en je je bed in kunt duiken.

Lessen uit de natuur

Dat alles stroomt en aan verandering onderhevig is, is misschien wel nergens beter zichtbaar dan in de natuur – met de vier seizoenen als ijkpunt. Daar hoef je niet per se een verafgelegen natuurgebied voor in te trekken, ook op je balkon of in je eigen (moes)tuin zijn die veranderingen zo mooi te zien. Als je de tijd neemt om het op te merken, voel je bijna als vanzelf dat het leven daar beweegt.

Om bij de moestuin te blijven: van het ritme van dat hele proces van planten, verzorgen, plukken, koken en eten kan een geruststellende werking uitgaan. In Filosoferen in de tuin schrijft de Australische filosoof Damon Young dat spitten in zijn eigen groentetuin hem laat inzien dat hij zichzelf niet al te belangrijk hoeft te maken – net als zijn tomaten- en courgetteplantjes is hij ook maar werk in uitvoering.

In zijn boek besteedt hij aandacht aan de denkbeelden van filosoof Friedrich Nietzsche (1844-1900), en je zou kunnen zeggen dat Nietzsche een tuin precies volgens Heraclitus’ denkbeelden zag. Als een plek waar groei en verval, schepping en vernietiging plaatsvinden en in harmonie zijn.

De troost die Nietzsche in een tuin vond, is denk ik voor ons allemaal herkenbaar: de natuur beoordeelt en bekritiseert nooit. Als je je dat realiseert, kun je je er enorm vrij in voelen. Al was het maar omdat je in de natuur onopgemaakt, met raar haar en in oude kleren kunt rondstruinen. Geen boom of struik die zijn wenkbrauwen erover optrekt.

Die heilzame werking van de natuur heeft volgens Martin Drenthen, milieufilosoof en hoofddocent aan de Radboud Universiteit in Nijmegen, te maken met de autonomie van de natuur: een wereld die er ook is als je er geen mening over hebt. In de maatschappij lijk je (bijna) overal een mening over te moeten hebben, maar in de natuur niet.

“Sterker nog,” zegt Drenthen als ik hem bel, “er valt geen mening over te hebben. Het is zoals het is. Het gaat zoals het gaat. Het is misschien altijd al zo geweest en het zal in essentie ook zo blijven. Dat relativeert de dingen waar we ons al te zeer druk om maken.”

Zomervriendschap

Ook voor een schrijver als Jane Austen (1775-1817) was de tuin een troost: een plek waar harmonie heerste, weg van de mensen (Austen werd altijd omringd door vrienden, familie en bedienden). Een tuin is niet bezig met kinderachtig gedoe of geroddel. Die gaat altijd door met wat ie doet, in het ritme van de seizoenen, steeds weer. Of we nou meewerken of niet.

Dingen willen vasthouden, niet willen dat er iets verandert: het is menselijk. Wat je dan precies moeilijk los kunt laten, zal bij iedereen anders zijn. De een blijft te lang hangen in een slechte relatie, de ander kan niet accepteren dat z’n kinderen groot worden en geeft ze geen vrijheid. Wat ik altijd lastig heb gevonden, is accepteren dat vriendschappen veranderen.

Ooit knipte ik uit NRC Handelsblad een interview met een driesterrenkok uit Parijs, Alain Passard. Ik had nog nooit van hem gehoord, maar zijn antwoord op de vraag ‘Kreeg u onlangs een mooi cadeau?’ bleef maar door mijn hoofd spoken: “Het mooiste cadeau dat ik heb gekregen, is wat de natuur me schenkt: mijn tuin. Ik hou ervan als een tomaat een rendez-vous wordt. Een tomaat is er drie maanden: in juli, augustus en september. Daarna verdwijnt ze weer. Dan moet je op haar wachten als op een verloren gewaande liefde. Het weerzien is even prachtig.”

Misschien raakte zijn antwoord me omdat ik op de plaats van ‘verloren gewaande geliefde’, ‘verloren gewaande vriendinnen’ kon invullen. Sommige vriendinnen ken ik al heel lang, maar zie ik nog maar weinig omdat we allemaal een vol leven hebben. Ergens in mijn hoofd zit een vastgeroest idee dat je elkaar als vrienden regelmatig moet zien, wil je van vriendschap kunnen spreken.

Maar door het antwoord van de kok uit Parijs kreeg ik gek genoeg een nieuw inzicht. Wat als ik me er nu gewoon bij neerleg dat we elkaar maar één keer per jaar zien – bijvoorbeeld in juli, augustus of september, zoals de kok zijn tomaatjes? Het is niet meer zoals vroeger, toen we wekelijks of soms zelfs dagelijks bij elkaar over de vloer kwamen, maar op deze manier verliezen we elkaar ook niet helemaal uit het oog.

Bovendien past het misschien beter bij mijn leven zoals het nu is. Dat leven is, of ik wil of niet, gedurende de jaren natuurlijk veranderd – en daarmee mijn vriendschappen ook.

De wereld wacht

Ook in de film Another year van Mike Leigh staat een moestuin centraal. Niet alleen als symbool voor het leven dat verandert en doorgaat, maar ook voor een aandachtig leven. De film beslaat precies een jaar, en in de loop van de vier seizoenen – van de lente naar de winter – zie je het gelukkig getrouwde stel Tom en Gerri aan het werk in hun volkstuin.

Komt er een bui aan, dan schuilen ze samen in de auto met een thermoskannetje koffie en wachten ze geduldig tot de bui voorbij is en de zon weer doorbreekt. Ook leer je hun vrienden kennen, voor wie de twee liefdevol koken van de oogst uit hun tuin. Zo goed als Tom en Gerri het samen hebben, zo treurig en eenzaam zijn hun vrienden.

Misschien dat die tegenstelling de film zo mooi in balans brengt. Een jaar geleefd is ook onomkeerbaar een jaar ouder worden: Gerri’s haar is aan het einde van de film zichtbaar grijzer geworden. En alleen al voor het zinnetje ‘Het leven is niet altijd vriendelijk, hè?’ dat Gerri tegen een eenzame collega uitspreekt, zou je de film willen zien.

Ooit reisde ik rond in Nieuw-Zeeland, en ervaarde ik dat de titel van het liedje Four seasons in one day van Crowded House klopt. Een dag, die begon met binnenstromende zwoele lentelucht, eindigde in een sneeuwstorm op een berg.

Ook zelf kun je weleens meerdere ‘seizoenen’ op een dag ervaren. Opstaan met een niets-aan-de-hand zomers humeur, dat gedurende de dag verandert in een zware onweersbui – door een opeenstapeling van kleine dingen zoals een verkeerd geïnterpreteerde opmerking van een collega of een kortaf-­appje van je partner. Een onweersbui die later weer overgaat in iets voorjaarsachtigs omdat je van je buren het aanbod krijgt om mee te eten.

‘Finding out wherever there is comfort there is pain. Only one step away. Like four seasons in one day,’ zingt Crowded House. Vanuit de wetenschap dat alles doorgaat en verandert, kun je leren dat er na slechte tijden weer goede volgen. Na de winter volgt de lente, ook in je eigen leven.

De Britse schrijver Katherine May verwoordt dat mooi in haar boek Winteren: ‘Vaak lijkt het makkelijker om maar in de winter te blijven, te schuilen in ons overwinteringsnest, weg van het verblindende licht van de zon. Maar we zijn moedig en de nieuwe wereld wacht op ons, glanzend en groen, bezield met het geklapwiek van vleugels.’

Lees meer

Tekst Caroline Buijs Fotografie Robin Wersich/Unsplash.com

Promotional image Promotional image

School of Flow

Een week voor jezelf

In deze training ga je zorgen voor jezelf. Je neemt de tijd om je af te vragen hoe het echt met je gaat en je last rust- en reflectiemomenten in.

BEKIJK DEZE TRAINING