Dagboek van een introvert #3: als je samenwoont met een extravert

introvert

Online editor Bente van de Wouw komt in een wereld van extraverten uit de kast als introvert en schrijft erover (met een knipoog). Deze keer: als je samenwoont met een extravert.

Het is zondagochtend. Ik ben net wakker. Ik gaap. Ik loop naar beneden. Voor even is het heerlijk stil. Ik bedenk wat ik wil gaan doen vandaag. Mijn boek uitlezen, een wandeling maken, vooral niets afspreken en misschien als ik zin heb wat tekenen of breien. Ja, dat ga ik doen. Maar eerst: in stilte ontbijten.

Ik doe de deurklink naar beneden, stap de huiskamer in en zie de stofzuiger nog voor ik mijn moeder opmerk. Ze sjeest ermee door de kamer alsof ze zich heeft opgegeven voor Dancing with the stars, het lawaaimakende ding haar partner. Op de tafel staat al een emmer met sop, de krant is al gelezen en de was ligt klaar om gedraaid te worden. “Goeiemorgen!” schreeuwt ze boven het lawaai van haar danspartner uit. Ik zwaai. Ik gaap. Ik denk: doei stilte.

Overprikkeld ontbijten

“Wat een heerlijke dag vandaag hè,” praat ze verder. “Hé, kun jij de was straks ophangen? Ik ga naar een vriendin. En vanavond ben ik uit eten, dus je moet zelf even boodschappen doen. O, en het kan zijn dat de buurvrouw straks even langskomt. En jij, wat ga jij doen?” Ze neemt een hap lucht om nog iets te zeggen als haar telefoon gaat. Ze zet de stofzuiger uit en even kan ik weer ademhalen.

Het duurt maar kort, dan neemt ze de telefoon op en begint ze enthousiast te kletsen met degene aan de andere kant van de lijn. Het is pas acht uur ’s ochtends. Overprikkeld loop ik met mijn boterham terug naar boven zodat ik alsnog kan eten in stilte. Een paar tellen later volgt mijn moeder met de emmer met sop in haar linkerhand en de telefoon aan haar rechteroor, druk pratend. Ik heb zin om mijn boterham door de kamer te smijten.

Storm in huis

Ik vind mijn moeder fantastisch, echt. En ik ben mijn ouders dankbaar dat ik, toen de omstandigheden erom vroegen, weer tijdelijk thuis mocht komen wonen. Maar in al die jaren dat ik alleen woonde, was ik één ding vergeten: mijn moeder is de koningin onder de extraverten. Ik ben dat duidelijk niet. Ik ben meer het onderkruipsel in die wereld en zwaai de scepter juist in het koninkrijk der introverten. En dat botst, soms. Of eigenlijk: vaak.

Want waar ik oplaad in stilte, krijgt zij juist energie van prikkels en mensen en drukte. Waar ik gerust drie uur lang kan verdwijnen in een boek, wordt zij al onrustig als er een kwartier niets te doen is. En waar ik blij word van een lege agenda, voelt zij nog net geen paniek bij het vooruitzicht van een dag binnen blijven. Stop je ons in één kamer, dan botst onze energie zo erg dat het nog net niet stormt.

De magie van noise cancelling

Probleem is: we vinden elkaar toch heel aardig en wíllen bij elkaar in de buurt zijn. En dat zorgt voor een ingewikkelde wiskundige som die we nog steeds niet opgelost hebben, maar we komen wel in de buurt. Een fijne koptelefoon met noise cancelling doet wonderen. Als ze me meevraagt voor een winkelsessie peil ik eerst hoe ik me voel en ik ben eerlijk als ik er even de energie niet voor heb.

Ik probeer te accepteren dat geluid nu eenmaal bij het leven hoort en mijn moeder oefent in af en toe samen stil zijn. Vaak lukt dat samenleven prima, soms stormt het in huize Van de Wouw. Gelukkig werken onze mentale paraplu’s steeds een beetje beter en belandt die boterham 80% van de tijd niet in een hoekje op de grond.

Tekst en fotografie Bente van de Wouw

Promotional image Promotional image

Wacht even

Neem vaker een #flowmomentje. Mijmer, verveel je, reflecteer, wacht en vooral: doe even niets. Want dat zijn we stiekem een beetje verleerd.

Even niets: zo doe je dat