Het korte maar bruisende leven van kunstenaar Amrita Sher-Gil: ‘Ik heb altijd, in alles, de wens gehad om dingen zelf uit te vinden’
Slim, rebels en individualistisch: schilder Amrita Sher-Gil’s leven kwam al vroeg ten einde, maar niet voordat ze de kunstwereld veroverde. Haar post-impressionistische werk met zowel westerse als oosterse invloeden zette de female gaze op het doek. Zo leefde Sher-Gil naar eigen inzicht.
“Europa is van Picasso, Matisse, Braque en alle anderen. India is alleen van mij.” Stoere taal van een 25-jarige schilder in een brief aan een vriend. Het is 1938 en de Hongaars-Indiase Amrita Sher-Gil is vanuit Parijs naar India verhuisd, het land van haar vader. Het is tijd om zich te verbinden met die kant van haar achtergrond. Ze heeft er alle vertrouwen in daar ze daar iets te halen heeft.
LEES OOK: Raoul de Jong zet zijn leven al sinds hij klein is op papier: ‘Het maakte al het donker dragelijk’.
Slim en rebels
Haar leven lang trekt ze van West naar Oost en vice versa. Het zit in haar bloed, letterlijk en figuurlijk. Haar vader, Umrao Singh Sher-Gil, is een telg uit een Indiase, aristocratische Singh-familie, wetenschapper en verdienstelijk amateurfotograaf; haar moeder Marie Antoinette Gottesman, een joods-Hongaarse operazangeres. Dit kosmopolitische stel ontmoet elkaar in Londen, trouwt in 1912 in Lahore (destijds India, nu Pakistan), en vestigt zich in Boedapest, waar Amrita op 30 januari 1913 wordt geboren. Een jaar later volgt haar zus Indira. De meisjes worden rooms-katholiek opgevoed.
Vanwege de uitbraak van de Eerste Wereldoorlog blijven de Sher-Gils de eerste negen jaren van Amrita’s leven in Boedapest wonen. Net als haar zus krijgt Amrita op jonge leeftijd piano- en vioolles, maar al snel blijkt dat haar talent vooral bij het tekenen en schilderen ligt. “Het lijkt me dat ik nooit ben begonnen met schilderen: ik heb altijd geschilderd,” zal ze later schrijven. Vanaf haar achtste krijgt ze serieus les. Dat gaat niet zonder strubbelingen: de slimme en rebelse Amrita weet al vroeg wat ze wel en niet wil, tot frustratie van haar docenten. In een in 1936 gepubliceerd artikel schrijft ze: “Ik heb altijd, in alles, de wens gehad om dingen zelf uit te vinden.”
Een bruisend kunstenaarsleven
Nadat het gezin weer een tijd in India heeft gewoond, en Amrita van school wordt gestuurd omdat ze verklaart niet in God te geloven, verhuizen ze in 1929 naar Parijs, vooral ter bevordering van Amrita’s artistieke ontwikkeling. Ze volgt even lessen aan de Académie de la Grande Chaumière, daarna wordt ze aangenomen aan de prestigieuze École nationale des beaux-arts. Het is een inspirerende periode. De zestienjarige leert Frans, komt in aanraking met het werk van modernistische schilders als Van Gogh, Cézanne en Gauguin en werkt hard.
‘De persoon wiens kritiek naar mijn mening het belangrijkst voor me is, ben ikzelf’
Tegelijkertijd stort ze zich in het bruisende kunstenaarsleven en geniet ze van de vrije liefde. Ze heeft affaires met zowel mannen als vrouwen, die ze vaak ook schildert – de liefde houdt haar niet van het werk. Zo zijn er portretten van haar minnaar Boris Taslitzky en van haar klasgenoot Marie Louise Chassanay, al ontkent Amrita in een brief aan haar moeder dat ze met de laatstgenoemde een verhouding heeft of heeft gehad: “Ik ben geen lesbienne, al kom ik soms in de verleiding, alleen al omdat ik me bewust ben van de gevaren van seks met een man: geslachtsziekten en ongewenste zwangerschappen.”
Ook gaat het gerucht dat ze een affaire heeft met haar volle neef, medicijnenstudent Victor Elban. Haar moeder probeert haar te koppelen aan de zoon van een rijke Indiase landeigenaar en ook deze Yusuf Ali-Khan wordt geschilderd, maar de verloving wordt al snel weer verbroken.
Female gaze
Amrita schildert niet alleen (ex)geliefden, maar ook haar zus Indira (naakt in het indrukwekkende ‘Slaap’ uit 1932), andere familieleden, professionele modellen, Parijs en vaak zichzelf. In 1931 krijgt ze het gevoel dat ze eindelijk goed begint te schilderen. “Ik heb een paar echt goede schilderijen gemaakt,” schrijft ze aan haar moeder. “Iedereen zegt dat ik enorm vooruit ben gegaan, zelfs de persoon wiens kritiek naar mijn mening het belangrijkst voor me is: ikzelf.” Ze heeft een voorkeur voor het schilderen van vrouwen in intieme situaties. Dat doet ze zonder effectbejag: haar naakten laten een duidelijke female gaze zien.
Al tijdens haar vier jaar durende opleiding wint ze prijzen. Het opvallende doek ‘Jonge vrouwen’ (1932), een portret van Indira (geheel gekleed, gereserveerd en ingetogen) en Denyse Proutaux (deels naakt met hangend haar, brutaal), levert haar een gouden medaille en het lidmaatschap van de Grand Salon in Parijs op. Ze is het jongste lid ooit en de eerste Aziaat die wordt toegelaten.
Verlangen naar India
“Tegen het einde van 1933 raakte ik overmand door een intens verlangen om terug te keren naar India, omdat ik op een vreemde, onverklaarbare manier voelde dat daar mijn lot als schilder lag.” Amrita voelt zich verleppen in ‘de grijze ateliers van het Westen’ en verlangt naar de kleuren en het licht van het Oosten. “Ik heb behoefte aan nieuwe inspiratiebronnen (…),” schrijft ze aan haar vader. ‘’Ons lange verblijf in Europa heeft me als het ware geholpen om India te ontdekken. (…) Het lijkt misschien paradoxaal, maar ik weet zeker dat als wij niet naar Europa waren gegaan, ik waarschijnlijk nooit zou hebben ingezien dat een fresco uit Ajanta (…) meer waard kan zijn dan de hele Renaissance bij elkaar!”
Ondanks het protest van haar ouders gaat ze. Ze reist door haar immense vaderland, laaft zich aan de kleuren en geuren, ontdekt de klassiek Indiase cultuur en besluit voortaan alleen sari’s te dragen: “Ten eerste omdat ze zoveel mooier zijn,” schrijft ze aan haar moeder. “Ten tweede omdat hier in India alleen Euraziaten Europese kleding dragen en aangezien ik niet speciaal dol ben op dat soort mensen en me niet met hen wil identificeren, heb ik besloten om voortaan geen Europese kleding meer te dragen.”
En ze schildert. In haar werk beeldt ze het Indiase leven af van de armen, en vooral dat van vrouwen. Ze ontwikkelt daarbij een steeds simpeler wordende stijl die zowel westers post-impressionistisch is als oosters in kleurgebruik en onderwerp. “Ik ben een individualist die een nieuwe techniek ontwikkelt die, hoewel niet noodzakelijkerwijs Indiaas in de traditionele zin van het woord, toch fundamenteel Indiaas van geest zal zijn.”
Huwelijk
In 1935 weigert ze, zelfbewust als ze is, een prijs van de Simla Fine Art Society omdat ze vindt dat ze een in haar ogen een minder werk van haar willen bekronen. In 1937 heeft ze een tentoonstelling in Lahore, waar ze haar Zuid-Indiase trilogie, een hoogtepunt uit haar oeuvre, toont: ‘Bruidstoilet’, ‘Brahmacharis’ en ‘Zuid-Indiase dorpelingen naar de markt’. Veel van het werk blijft echter onverkocht; het is voor veel Indiërs de eerste kennismaking met modernistische kunst en ze moeten eraan wennen.
In 1938 reist Amrita naar Hongarije om haar neef Victor Egan ten huwelijk te vragen. Haar ouders zijn (alweer) niet enthousiast: omdat hij haar neef is en bovendien, vindt vooral Marie Antoinette, rijk noch beroemd. Amrita ziet zelf vooral de voordelen van de verbintenis. Ze is weliswaar ‘niet gemaakt voor het huwelijk’, maar Victor houdt van haar en weet als geen ander wie ze is en hoe ze leeft; hij zal voor haar zorgen én haar seksueel vrijlaten. Sterker nog: nadat zij hem pas na hun huwelijk vertelt dat ze op dat moment al zwanger is, regelt hij een abortus voor haar. Ze trouwen op 16 juli 1938 in Boedapest.
Ze leefde zoals ze wilde, in een tijd waarin andere sociale normen golden
Vanwege de oorlogsdreiging in Europa en omdat Amrita zegt nergens anders te kunnen schilderen dan in India (“Europa is het verleden”), vertrekt het paar een jaar later naar India. Amrita richt een kleine studio in, waar ze experimenteert met driedimensionale vormen, en het afbeelden van dieren. En ze blijft vrouwenportretten schilderen, waarbij ze een gevoelig oog toont voor hun zware en eenzame leven.
Een te vroeg einde
Maar na verloop van tijd begint haar zelfvertrouwen, altijd zo groot, te tanen. Ze verveelt zich in Saraya, ze verveelt zich in haar huwelijk. “Victor en ik zijn enorm dol op elkaar, en toch hebben we elkaar niks, echt helemaal niks te zeggen,” schrijft ze aan haar zus Indira. Ze wordt ‘s nachts wakker met de angst dat dit voortaan haar leven zal zijn: “oneindig grijs en melancholiek, iets ongelooflijk leegs, en ikzelf een totaal vacuüm.” Ze werkt nauwelijks meer.
In 1941 verhuist ze met haar man naar Lahore, in de hoop in de levendige stad meer gelijkgestemden en inspiratie te vinden. Aldaar krijgt ze een tentoonstelling aangeboden, wat haar de draad doet oppakken: ze gaat weer aan het werk en stuurt haar moeder in Simla nauwgezette instructies voor welke doeken ze naar Lahore gestuurd wil hebben. Maar vlak voordat de expositie opent, wordt ze ziek. Amrita Sher-Gil sterft op 5 december 1941, pas 28 jaar oud. Haar doodsoorzaak blijft een raadsel en een bron van veel geruchten. Was het voedselvergiftiging? Dysenterie? Een slecht uitgevoerde abortus? Of was ze vergiftigd door Victor Egan, zoals haar moeder, Marie Antoinette die in 1948 zelfmoord zal plegen, beweert?
Cultureel erfgoed
In haar korte leven heeft Amrita Sher-Gil zo’n 174 doeken geschilderd. Haar familie schenkt het grootste deel daarvan aan de staat, die het de basis maakt van de in 1954 geopende National Gallery of Modern Art in New Delhi. Haar werk is inmiddels cultureel erfgoed.
De Amerikaans-Indiase regisseur Mira Nair, (tegenwoordig vooral bekend als de moeder van Zohran Mamdani, de burgemeester van New York) werkt aan een film over Sher-Gils leven, kortweg Amri getiteld. De film komt waarschijnlijk uit in 2027. In een interview met The New York Times licht Nair haar bewondering toe voor de multiculturele Amrita, die zich van niemand wat aantrok en leefde zoals ze wilde, in een tijd waarin andere sociale normen golden. Nair: “The way Amrita lived is so contemporary: she never apologized for the multitude of where she came from. She used it to create her own voice.”
Dit lezen anderen over kunst
- Pionier van het expressionisme: het chaotische leven van kunstenaar Charley Toorop.
- Dit was het bijzondere leven van ‘polkadot princess’ en kunstenaar Yayoi Kusama.
- Hoe kunst je dichter bij jezelf kan brengen.
Fotografie Umrao Singh Sher-Gil